School de Pol is van start

Wil je op de hoogte gehouden te worden (o.a. over de informatiebijeenkomsten)?

Neem contact op, kom een bezoek brengen tijdens de school-inloopochtend op dinsdag (10:00-11:00) of op de algemene inloopochtend op donderdag van (09:00-11:00).

Per augustus 2021 groeit vanuit het Eiland een schoolwaardige tak. Daar kunnen kinderen volgens de – inmiddels beproefde – uitgangspunten van Klein Eiland – ook na hun vierde jaar (blijven) leren, werken en spelen.

In algemene zin voldoen we aan de eisen waar iedere school aan voldoet. In specifieke zin willen we het onderwijs op onze eigen manier invullen.

We zullen het eerste jaar starten met een klein groep van maximaal 24 kinderen (tussen de 4 en 7 jaar), met voorrang voor kinderen die op het Eiland zijn getogen. Daarna zullen we exponentieel groeien naar een groepsgrootte van 2 x 144 leerlingen.

Deze kinderen zullen hun ontwikkeling, afhankelijk van hun leeftijd en ontwikkelingsfase, voortzetten in een curriculum dat is opgebouwd uit verschillende leeromgevingen, waarvan de bosschool en expedities, de keuken, werkplaats en het atelier de voornaamste voedingsbodems zullen zijn. 

De bosschool is sinds 2019 een vast onderdeel van het dagprogramma van de kinderen vanaf ongeveer 3 (ontwikkelingsfase, waaronder ook zindelijkheid, zijn daarin bepalend). De kinderen leren er wat er groeit en beweegt en in het bos, en wanneer en hoe de verschillende vlinders, bomen en paddenstoelen heten, maar bovenal leren ze samenwerken, een plan maken en uitvoeren, hun grenzen verleggen en op zichzelf en elkaar vertrouwen. Het bos werkt niet mee of tegen. Het bos is er gewoon. Dat is misschien wel het voornaamste wat ze daar oppikken, de realisatie dat het is zoals het is en dat we het daarmee moeten doen.

De Mojo is de naam voor alles op het Eiland dat te maken heeft met een scherpe geest, een opgeruimd gemoed en een sterk lijf. Zowel praktisch (oefeningen, muziek, spel, sport, meditatie, yoga etc.) als onderzoekend (hoe werken de hersenen, wat zorgt ervoor dat ik in de ene situatie meer op m’n gemak ben dan in de andere, etc. Klimmen, vallen en weer opstaan is hier ook een belangrijk onderdeel.)

Het Atelier staat voor de ruimte die we inlassen voor het prikkelen en ontwikkelen van de verbeelding. Met beeldende kunst, muziek, theater en overlap daartussen creëren we (gecontroleerd) leeromgevingen waarbinnen kinderen tegelijkertijd hun creatieve vermogens kunnen inzetten en aan hun kerndoelen (eerst nog met name taligheid en rekenvaardigheid) kunnen werken. Dus rekenen en muziek, theater en taal, beeldende kunst en geometrie, etc). 

Alle leeromgevingen worden ingericht en gefaciliteerd door een leerkracht die observeert waar een kind mee bezig is, hoe het zich ontwikkelt, en wat de volgende stap in die ontwikkeling kan zijn. Een specifiek leerplan per kind (op basis van de input van leerkachten, diens ouders en in toenemende mate het kind zelf) kadert de manier waarop we het kind in een bepaalde context benaderen en welke opdrachten daaraan gekoppeld worden.

Bijvoorbeeld

Inge (5) is al enige tijd (ongedwongen) bezig met letters en helpt op dinsdagochtend bij het koken. Bij het bakken van de bananentaart mag zij meelezen terwijl de kok een recept voorleest. Naderhand vraagt de begeleider welke letters ze heeft herkend.

Ivar (3) is bezig met tellen. Hem wordt gevraagd vijf bananen te halen voor in het bananenbrood. Als hij er zes of vier meebrengt, telt de kok samen met Ivar hoeveel bananen er op tafel liggen. Als hij er vijf brengt, doen we er eerst twee in het beslag en vragen hem hoeveel er nu nog over zijn. 

Rosa (7) heeft al heel vaak bananenbrood gebakken. Ze kan tellen en lezen. Haar rol is deze ochtend om te kijken naar waar ze de jongere kinderen mee kan helpen. Naderhand vragen we haar wat haar is opgevallen.

Bij het vullen van het portfolio wordt de kinderen gevraagd wat ze vandaag gedaan en geleerd hebben. De kok is erbij en helpt ze zich te herinneren dat ze het recept hebben helpen lezen, het juiste aantal bananen te hebben geteld. of hun hulp te hebben aangeboden.

De begeleider (in dit geval de kok) schrijft tijdens of naderhand op welk gedrag hij heeft geobserveerd en waar (direct of in een volgende periode van 7 weken) extra aandacht aan moet/kan worden besteed.

School de Pol – Hoe ziet het eruit?  

School de Pol is geen school zoals de meeste andere. Het is een plek waar kinderen hun leervermogen kunnen inzetten en versterken, waar ze kunnen ontdekken waar hun krachten en aandachtspunten liggen, waar ze kunnen uitvogelen hoe dingen in elkaar zitten en hoe ze werken, zodat de natuurlijke motivatie om te onderzoeken en bij te dragen de ruimte krijgt om zich te blijven ontwikkelen. De doelstellingen geven richting aan het ontwerp.

De kunst wordt om zo veel mogelijk de verleiding te weerstaan de Pol te vormen naar het idee dat we (van jongs af aan) hebben gevormd van hoe een school eruit ‘hoort’ te zien. In plaats daarvan blijven we zoeken naar hoe een lerende samenleving er in het beste geval uitziet en hoe daarin te participeren. Om dat beeld verantwoord te vormen hebben we wetenschappelijke onderbouwing, een overzichtelijke geheel aan uitgangspunten en een samenhangend ontwerp. Dit ontwerp is dynamisch, er is altijd ruimte om voortschrijdende inzichten te implementeren.

Een groot deel van de uitgangspunten hebben we al. De theoretische bronnen waarop we ons in deze fase beroepen, de ervaring met zelfsturend leren op het Eiland en elders, onze kennis van aan welke voorwaarden de omgeving moet voldoen.

Eigen invulling van het ‘hoe’ in het onderwijs: 

  • Het ‘klassensysteem’. Kinderen behoren tot een (uiteindelijk) grotere groep (max 72), met wie ze zich vertrouwd en verbonden kunnen voelen, en waarmee ze in wisselende samenstelling door de week heen verschillende groepen vormen. 
    • verticaal, op basis van fase van ontwikkeling en motivatie
    • gerichte activiteiten vinden in kleine groepen plaats (zodat de begeleider optimaal kan aansluiten bij de individuele leerprocessen)
  • Het schoolgebouw. School De Pol maakt nadrukkelijk onderdeel uit van een grotere groep dan alleen leerlingen of kinderen. Er is overlap met andere groepen in de samenleving. Dit levert een rijkere leeromgeving en meer real-life oefening in het mede zorg dragen voor de omgeving (de concrete invulling van ‘participatief burgerschap’). In het basisgebouw (de eerste 2 jaar op het Eiland) gebeurt dus meer dan alleen activiteiten voor de school, waaronder kinderopvang, een (deels open) keuken en atelier, zalen voor gedeeld gebruik, etc. Daarnaast vindt een groot deel van de activiteiten elders plaats (buiten, in sportkantine, bejaardencentrum bijv.).
  • De normering. We hanteren, naast de verplichte genormeerde toetsen, onze eigen vorm van monitoren van leeropbrengsten. Hierbij voldoen we tenminste aan de eisen van de overheid, maar willen vooral goed geïnformeerd zijn over hoe kinderen zich – naast cognitief – ontwikkelen op sociaal-emotioneel, motorisch en moreel gebied. Het lerarenteam wordt daarbij ondersteunt door vak/meesterschap van o.a. een orthopedagoog, fysiotherapeut, diëtist, statistici, testtheoreticus, timmerman, etc.
  • De verdeling van (verplichte) uren en vakanties. We mikken op een dagindeling die aansluit bij de thuissituatie en het kind. Dus integratie met voor-en naschoolse opvang en een mogelijkheid om (ook) open te zijn tijdens nationale vakantie-periodes. De school en opvang liggen daarmee in elkaars verlengde.

https://www.instagram.com/schooldepol/